two-house-fish(2)
jul 11, 18:33
Wees niet bang. Om deze geruststellende opdracht te lezen op een oranje bord dat twee-en-een-halve meter boven je hoofd hangt en blijkbaar nergens aan is vastgemaakt, heeft – zoals je wellicht kunt verwachten – niet het gewenste effect.
Lou en Lau zijn wel degelijk bang. Bang voor een hangend bord. En de onverklaarbare gebeurtenissen stoppen niet na de materialisatie van het bord. Op het moment dat Lou en Lau elkaar angstig en onzeker aankijken, klinkt er een diepe brom. De trillingen zijn zo laag, dat ze hun knieën voelen knikken. Alsof het duo voor de geluidsboxen staat van een installatie die een zaal van 55.000 uitzinnige muziekliefhebbers zal gaan vermaken met diepe, donkere techno, op het moment dat de laagste frequenties worden gesoundcheckt. Precies in het midden van het diepe meer – en Lou, met haar gave voor het herkennen van mathematische natuurverschijnselen, kan bevestigen dat het hier werkelijk om het precieze midden gaat – borrelen vervolgens luchtbellen omhoog. Het begint met een paar, maar binnen afzienbare tijd vergroot de cirkel waarin de bellen omhoog komen zich, totdat het hele meer lijkt te koken.
Al die tijd staan Lou en Lau als aan de grond genageld aan de oever van het diepe meer onder het oranje bord. Lou’s sigaret – sinds de aanvang van de verontrustende opeenvolgingen onaangeraakt – is ondertussen tot het filter opgebrand. De eerste woorden die worden gesproken, komen van Lau. En hij spreekt ze op het moment dat hun zenuwen tot het uiterste worden gedreven. Dit is wat hij zegt, of eerder fluistert: ‘Wat in hemelsnaam is dat?’
Hetgene hem tot deze uiting brengt, is het ontstaan van een eiland in het midden van de bubbelende zee.
Een donkergrijs eiland, met een geiser erop. Elke twintig seconde blaast deze een wolk van mist omhoog. De bubbels in het meer lijken weer wat te zijn afgenomen, terwijl het ontstaan van het eiland golven creeert die tegen de oever slaan en enthousiast genoeg zijn om Lou en Lau’s schoenen te doen doorweken. Het eiland wordt groter. En groter. En hoger.
Na wat een eeuwigheid lijkt, is het eiland zo groot en hoog geworden, dat ons duo in schaduw is gehuld. Meters en meters hoog is het geheel en nu de grijze massa zo hoog boven het wateroppervlakte uit torent, kunnen Lou en Lau de vormen en contouren beter onderscheiden. Zo zien ze dat het hier om een ovalen eiland gaat. Het lijkt glad. Glimmend. De druppels water glijden er soepel vanaf en de zon schittert in de nog natte gedeelten.
Het eiland lijkt tevens bewoond. Of in ieder geval, er staan twee kleine huizen op de grote grijze massa. Ze zijn verbonden middels een hangbrug en beiden kennen een knusse veranda. Ze geven het idee van idyllisch vakantiehuisjes. Er zijn nog enkele gebouwtjes en uistulpsels op het eiland te vinden, maar van deze afstand lukt het Lou en Lau niet hier zinnige functies aan toe te schrijven.
Net op het moment dat Lou en Lau zich de volgende onduidelijkheden simultaan afvragen: “Waar komt die eiland ineens vandaan? En waarom krijgen we het nu pas te zien? We hebben immers al twee weken over het rimpelloze water van het diepe meer getuurd en geen enkele aanwijzing van deze grijze enormiteit gezien? Wonen er mensen in de knusse vakantiehuisjes? Wie zouden het zijn? Hoe overleven zij dan als het eiland onderwater is? Zouden de mogelijke bewoners vriendelijk gezind zijn? Hoe komen we uberhaupt bij de voordeuren van de huisjes?” beginnen de bubbels nogmaals op te komen. Nu bepalen ze een redelijk rechte lijn tussen het eiland in het midden van het twee-weken-meer en de oever waar ons tweetal staat. Tot verbazing en verontrusting van datzelfde duo worden de bubbels wederom gevolgd door het omhoog komen van een volgende, glimmende, grijze, gladde massa. Een lange – ongeveer tien meter brede en slechts een halve meter boven het wateroppervlakte uitstekende – uitstulping lijkt van het initiële grijze eiland een schiereiland te maken.
Wat dan volgt doet Lou de armen om Lau heenslaan in uiterste paniek. Ditmaal bloost ze niet en doet ze geen poging haar actie te verbloemen, maar drukt ze haar gezicht in Lau’s zwarte capuchontrui. De reden hiervan is dat de tien meter brede uitstulping bij nader inzien niet aan de wal eindigt – en dus geen schiereiland creeert – maar dat de grijze loopplank eindigt in een gigantische staartvin!
Deze wordt nonchalant omhoog geworpen en vervolgens elegant, theatraal – en alsin slow-motion – op de kant gelegd, slechts enkele centimeters van de doorweekte voeten van het omarmde paar.
Zo absurdistisch is dit geheel dat Lau in lachen uitbrast. Na een beschuldigende blik moet ook Lou zich overgeven aan een onstopbare lachbui. De tranen rollen over Lau’s gezicht en Lou houdt één hand voor haar kruis zo hopende te voorkomen dat ze in haar broek plast. Het twee-weken-meer wordt bewoond door een gigantische vis!
De vis in het diepe meer lijkt nog het meest op een walvis. Zo eentje die Lou en Lau – die beide een streng christelijke opvoeding hebben genoten – zich nog kunnen herinneren van de ietwat stijve tekeningen van Jonas uit de kinderbijbels.
Het beeld dat hier wordt geschapen, is dat van een feestballon gevuld met water waar een verticale foto van wordt genomen en welke afbeelding vervolgens horizontaal wordt nagetekend. Of een gigantisch – verticaal weergegeven – druppel. Maar dan anders.
De staartvin kent een viertal oranje vlakken. Het lijken grote voetstappen die een beetje oplichten om zo Lou en Lau uit te nodigen op de vin te stappen. Tot haar eigen verbazing laat Lou Lau uit haar omarming los en is vervolgens de eerste die een voet zet op de vin. Er gebeurt niets. Dit spoort Lau aan om ook zijn voeten erop te plaatsen, terwijl Lou haar andere voet op de grijze staart plaatst. Nu ze beiden op de vin staan, voelen ze dat deze licht fibreert: het leven lijkt voelbaar.
Voor zich zien ze nieuwe voetstappen ontstaan: de eerste paar zijn fel verlicht, daarna worden ze minder intens. Als ze hun voeten verzetten naar deze nieuwe oranje afdrukken, neemt de lichtintensiteit van de eerste paar af en zien ze verderop – richting het grote grijze eiland met de twee knusse huizen – meer voetstappen oplichten en zo worden ze aangespoord de grote grijze massa te belopen.
Op het moment dat ze aan het einde van de tien meter brede uitstulping – wat nu dus kan worden gekwalificeerd als de staart – komen, staan ze even vertwijfeld voor de meters hoge massa van het ovalen eiland. Hoe nu bij de twee knusse huisjes bovenop de rug van de gigantische vis te komen?
Maar ook daar blijkt een oplossing voor te bestaan. Op het moment dat Lau achter hen kijkt om te moeten concluderen dat het pad terug onvindbaar is – de oranje voetstappen zijn allemaal verdwenen, op de twee paar waarop ze nu staan na – ziet Lou voor hen een traptrede ontstaan. Eentje maar. Wederom trekt ze aan Lau’s mouw en wenkt hem woordeloos: hun pad is bepaald en omhoog is de opdracht.
Wederom kleurt oranje hun weg. Ditmaal zien zij voor zich telkens één oranjeoplichtende traptrede ontstaan. Op het moment dat ze beide stabiel op deze nieuwe trede hebben plaatsgenomen, verdwijnt degene achter hen en zien zijn een volgende voor zich verschijnen. En zo begint een tijdloze klim naar de top van het grote grijze eiland.
Ietwat buitenadem komen Lou en Lau tegelijk op de bovenste trede uit. Lau rilt als hij achterom kijkt en de gapende diepte aanschouwt: het mosgroene woud lijkt een eeuwigheid geleden en mijlenver verwijderd. Op de één of andere manier is het licht ook veranderd. Niet zozeer omdat het later is geworden – al heeft Lau geen idee hoelang de wandeling heeft geduurd – maar meer alsof het woud nu minder belangrijk is geworden. Alsof de kleuren zijn gedegradeerd tot achtergrond tinten. Licht met zijn hoofdschuddend, draait Lau zich weer terug naar het dat wat voor hen wacht. En tijdens zijn draai, ziet hij Lou naast zich staan: met een blos op de wangen van de klim, bleekjes om de neus en ditmaal is zij het die met open mond naar voren staart. Wanneer ook Lau zijn blik naar het onbekende richt, ziet hij wat Lou deed stilvallen: voor hen staat een baard. Een witte, lange, warrige baard.
— GerJan van de Kamp
Reageren gesloten voor dit artikel