Goodbye South
mrt 6, 00:28

En dat was het dan, einde van het eerste deel! Afgelopen dinsdag met de Ferry onmenselijk vroeg de grote oversteek gemaakt naar het Noord Eiland.

Gelijk bij aankomst is het verschil overduidelijk: Wellington is de hoofdstad en kent wolkenkrabbers, verkeerschaos, schandalig dure parkeergarages, hippe kinderen, hippere kledingwinkels, MacDonalds arm in arm met KFC en Subways, giga-backpackers en mensen, overal mensen. Heerlijk na een vier maanden van relatieve uitgestrektheid. En tevens genoeg na een dag of twee :-). Met een groot pluspunt voor de schitterende Monet-exhibition in Te Papa. Erg mooi gedaan!
Gelukkig is ook de natuur op het Noord Eiland prima te genieten en kom ik zojuist van een DOC-camping (van die campings met een gras veld en een gat in de grond aka Toilet voor zo’n 3 euri) in een schitterende vallei met mooie wandelingen en tsjirpende vogeltjes. En een fretje! Die mij het pad kruistte en zich met grote ogen afvroeg wat ik hier dan nu weer deed.
Momenteel in Wanganui, een guitig stadje aan een mooie rivier. Op het Noord Eiland begint ook de Mauri cultuur een grotere rol te spelen. In de plaatsnamen, in de geschiedenis, in de cultuur en simpelweg in het aantal Maori’s dat je op straat tegenkomt. De manier waarop de Zuid-Eilanders (en wellicht ook de “witte Noord Eilanders”) over Moari’s praten lijkt wat op onze manier van babbelen over Marokkaantjes en Surinamers: geladen met zeer veel vooroordelen en ongeloof. Ik hoop hier op het Noord Eiland ook het tegendeel te mogen ontmoeten. Ofwel aan de “witte” kant ofwel aan de “zwarte” kant.

Het Zuid Eiland was geweldig, een van de beste ervaringen die ik ooit heb gehad. De schitterende verstillende natuur, de magistrale vergezichten en fotogenieke bergtoppen, de mensen: heerlijk open, relaxt, toegankelijk en met een groot hart voor de omgeving en een groter hart voor de mensen daarin, de rust die ik zelf heb mogen vinden in lijf, leden, hart en ziel, het grote plezier met gemaakte vrienden en de lessen die te leren zijn.

Ik kom weer thuis, dat zowieso. En ik verwacht eerlijk gezegd ook op de – met het vliegtuig afgesproken – dag terug te gaan reizen. Het is schitterend hier en te denken aan wat er te wachten staat qua werk zoeken, huizen zoeken, verhuizen en settlen wanneer eenmaal thuis kan me lichtelijk onrustig maken. Maar daar in het koude en natte en plate Nederland liggen mijn wortels. Daar zijn de mensen van wie ik hou en van wie ik geen halve wereld verwijderd wil zijn. Dus: ik kom weer terug. Maar nu nog niet :-).

— GerJan van de Kamp

---

reageer

Reageren gesloten voor dit artikel